De afgelopen maanden heeft Exor, de investeringsholding van de Agnelli-familie, opvallende verschuivingen doorgevoerd in haar portefeuille. Waar de holding traditioneel sterk leunde op de automobielsector via Stellantis en Ferrari, zien we nu een duidelijke pivot richting technologie en gezondheidszorg. De verkoop van een aanzienlijk belang in CNH Industrial en de gelijktijdige verhoging van posities in biotech-bedrijven spreken boekdelen.
John Elkann, de huidige voorzitter, lijkt de les van zijn grootvader Gianni Agnelli ter harte te nemen: echt vermogensbehoud vergt het lef om te bewegen wanneer de markt stil zit. De herwaardering van de portefeuille gebeurt niet met de luide aankondigingen die we van activistische investeerders gewend zijn, maar met de kenmerkende Turijnse discretie die het huis Agnelli al generaties lang typeert.
Voor beleggers die kijken naar familieholdings als ankerinvestering biedt de huidige koers van Exor een interessant instapmoment. De korting ten opzichte van de intrinsieke waarde bedraagt momenteel circa 35 procent — ruim boven het historisch gemiddelde. De vraag is niet óf die korting zal slinken, maar wanneer de markt de strategische verschuiving gaat waarderen.
Wat ons betreft past Exor bij uitstek in een portefeuille die gericht is op generatievermogens. Het is precies het type positie dat geduld beloont — en waar wij als Tresor Capital onze mandaten graag mee invullen.